De ene zin die mijn nieuwe boek veranderde

Gepubliceerd op 25 september 2026 om 16:23

Over het vreemde moment waarop acht woorden ineens vertellen waar een heel verhaal over gaat.

Soms schrijf je een zin die gewoon goed klinkt. En heel soms schrijf je er één, leest hem terug en beseft dat je zojuist iets hebt ontdekt over je eigen verhaal wat je daarvoor zelf nog niet wist.

Bij CALLED gebeurde dat met acht woorden:

De doden vragen. Het andere beveelt.

Soms weet je precies wat je wilt schrijven.

Je hebt personages. Een locatie. Een globaal verhaal. Misschien zelfs al een idee waar het allemaal moet eindigen.

En soms denk je dat je weet waar je boek over gaat.

Totdat er ineens één zin verschijnt.

Bij mij waren het er acht woorden:

De doden vragen. Het andere beveelt.

Ik schreef ze op.

Las ze nog een keer.

En dacht:

Verdomme.

Dít is het.

CALLED was er al

Ik was op dat moment bezig met CALLED, het vervolg op mijn eerste paranormale roman TOUCHED.

Het uitgangspunt stond al behoorlijk stevig.

Sophie, die in TOUCHED ontdekt dat ze dingen kan waarnemen die anderen niet kunnen zien of horen, begint enige tijd later opnieuw iets vreemds te ervaren.

Ditmaal ziet ze niet in de eerste plaats iets.

Ze hoort iets.

Een stem.

Een vrouwenstem die haar naam kent.

Sophie.

In eerste instantie lijkt daar weinig bedreigends aan.

Sterker nog: de stem helpt haar.

Ze waarschuwt Sophie voor iets wat haar mogelijk het leven redt.

En daarmee ontstond voor mij als schrijver een veel interessantere vraag dan simpelweg:

Is die stem goed of slecht?

Want als iets je helpt...

waarom zou je er dan niet naar luisteren?

Het gevaar hoeft niet eng te klinken

Dat vind ik sowieso veel interessanter in paranormale verhalen.

Als er om drie uur 's nachts een demon met rode ogen uit je kledingkast kruipt en roept dat hij je ziel komt halen, is de situatie vrij overzichtelijk.

Niet meegaan.

Daar heb je als personage weinig innerlijke strijd voor nodig.

Maar wat als iets vriendelijk klinkt?

Wat als het dingen weet die het onmogelijk kan weten?

Wat als het je helpt?

Wat als het gelijk blijkt te hebben?

Dan ontstaat vertrouwen.

En vertrouwen is interessant.

Want zodra je iemand vertrouwt, ben je eerder bereid om de volgende keer opnieuw te luisteren.

En de keer daarna ook.

Totdat luisteren langzaam iets anders wordt.

Gehoorzamen.

Toen verscheen Margaret

In CALLED speelt ook Margaret een belangrijke rol.

Zij is Sophies grootmoeder.

En lang voordat Sophie werd geboren, hoorde Margaret iets vergelijkbaars.

Daarmee kon ik in het verhaal terug naar de jaren zestig. Naar een jonge vrouw die probeert te begrijpen wat er met haar gebeurt, zonder de kennis die Sophie tientallen jaren later tot haar beschikking heeft.

Margaret houdt bij wat ze hoort.

Ze observeert.

Ze probeert patronen te herkennen.

En ergens tijdens het schrijven van haar verhaal moest ik bepalen wat zij door de jaren heen geleerd had.

Wat wist Margaret dat Sophie nog niet wist?

Ik zat daarover na te denken.

En toen kwam die zin.

De doden vragen. Het andere beveelt.

Acht woorden

Het vreemde was dat die zin niet alleen bij Margaret paste.

Hij veranderde voor mij ineens het hele verhaal.

Want tot dat moment dacht ik vooral na over wie of wat Sophie hoorde.

Maar misschien was dat niet de belangrijkste vraag.

Misschien moest Sophie helemaal niet ontdekken wie er sprak.

Misschien moest ze leren herkennen hoe het sprak.

En ineens keek ik terug naar wat de stem tot dan toe had gezegd.

Niet instappen.

Luister.

Slaap.

Kom.

Het waren geen vragen.

Het waren opdrachten.

Dat was het moment waarop ik zelf even stilviel.

Want ik had dat patroon niet bewust zo ontworpen.

Het zat er al.

En dat is een van de merkwaardigste dingen die ik tot nu toe aan schrijven heb ontdekt.

Soms begrijp je als schrijver je eigen verhaal pas nadat je een deel ervan geschreven hebt.

Had ik dat dan niet bedacht?

Nee.

En daar kan ik natuurlijk een heel interessant auteursverhaal van maken.

Dat ik vanaf het allereerste begin zorgvuldig een psychologisch patroon had opgebouwd waarin taal, macht en keuzevrijheid als symbolische onderlaag door het gehele narratief verweven waren.

Klinkt geweldig.

Was niet zo. 

Ik was gewoon een verhaal aan het schrijven.

Natuurlijk denk ik na over structuur, personages, spanning en waar het verhaal ongeveer naartoe moet.

Maar ik plan niet iedere ademhaling.

En gelukkig maar.

Want juist daardoor kunnen er onderweg dingen ontstaan die ik zelf niet zag aankomen.

De doden vragen. Het andere beveelt.

Zo'n zin kun je achteraf bekijken en denken:

Ja, natuurlijk. Die hoorde daar altijd al.

Maar dat deed hij niet.

Totdat hij er ineens stond.

En toen werd het groter

Want als je eenmaal zo'n zin hebt, gebeurt er iets gevaarlijks.

Je begint hem overal tegenaan te houden.

Klopt dit nog?

Klopt dat nog?

Wat betekent dit voor Sophie?

Wat betekent dit voor Margaret?

En vooral:

wat betekent het wanneer iets dat altijd beveelt ineens begint te vragen?

Aha.

Daar begon mijn schrijvershoofd dus onmiddellijk weer over na te denken.

Want stel dat Sophie op een bepaald moment leert:

De doden vragen. Het andere beveelt.

Dan heeft ze een regel.

Een houvast.

Een manier om onderscheid te maken.

Totdat datgene waartegen die regel haar moet beschermen...

de regel zelf leert kennen.

En misschien ontdekt dat het maar één woord hoeft toe te voegen.

Alsjeblieft.

Dat zijn de momenten waarop schrijven voor mij ontzettend leuk wordt.

Niet omdat ik dan precies weet wat er gaat gebeuren.

Juist omdat er ineens tien nieuwe deuren openstaan.

En ik zelf ook nog niet weet welke ik uiteindelijk ga openen.

Soms draagt één zin een heel boek

Ik weet natuurlijk nog niet hoe CALLED uiteindelijk zal worden.

Het boek is nog lang niet af.

Er zullen hoofdstukken veranderen. Scènes verdwijnen. Nieuwe ideeën ontstaan. Dingen waarvan ik vandaag overtuigd ben, kunnen over een paar weken ineens niet meer werken.

Dat hoort erbij.

Maar deze zin?

Die blijft.

Niet omdat hij mooi klinkt.

Maar omdat hij me iets liet begrijpen over het verhaal dat ik zelf nog niet helemaal begrepen had.

CALLED gaat natuurlijk over stemmen.

Over Sophie.

Over Margaret.

Over iets dat al veel langer aanwezig lijkt te zijn dan Sophie kan weten.

Maar daaronder gaat het steeds meer over iets veel eenvoudigers.

Keuze.

Luisteren is niet hetzelfde als gehoorzamen.

Geroepen worden betekent niet dat je moet antwoorden.

En misschien zit daar uiteindelijk wel het echte verschil.

Niet tussen levenden en doden.

Niet tussen goed en kwaad.

Maar tussen iets dat je een keuze laat...

en iets dat die keuze langzaam van je probeert af te nemen.

Allemaal dankzij acht woorden die er een paar minuten eerder nog niet waren.

De doden vragen.

Het andere beveelt.